Nieuwsflits oktober

17-10-2011

Opstallen van jongvee

Na een heerlijk warme nazomer zullen binnenkort de koeien, pinken en kalveren weer op stal komen. Voordat het zover is moeten een aantal zaken vast op een rijtje gezet worden. Interessant om te weten is of de pinken buiten de groei hebben gehaald die van ze verwacht werd. Hier is een handig instrument voor bedacht en dat is het meten van de borstomvang. Via de dierenkliniek zijn meetlinten en de groeicurve voor jongvee te verkrijgen. Mochten de dieren de verwachte groei niet gehaald hebben dan moet men zich afvragen wat daar de mogelijke oorzaken van kunnen zijn geweest. Daarnaast is het zinvol om de dieren op dracht te controleren zodat eventuele verwerpers opgespoord worden. Een aantal oorzaken van groeivertraging zijn hieronder opgesomd.

Maagdarmwormen en longwormen

Bij koeien komen verschillende soorten maagdarmwormen voor. Naast de maagdarmwormen kan ook de longworm voorkomen. In sommige gevallen kan een zware besmetting tot longontsteking leiden. De verschijnselen bij een besmetting met maagdarmwormen zijn: vermageren, diarree en een doffe stekelige vacht. De specifieke verschijnselen bij een besmetting met  longwormen zijn: hoesten na opjagen, neusuitvloeiing en een versnelde ademhaling. Om er achter te komen of dieren een besmetting met maagdarmwormen/longwormen hebben opgelopen kan mestonderzoek of bloedonderzoek gedaan worden. Aan de hand hiervan kan tevens bepaald worden of het zinvol is om de dieren te ontwormen. Het gebruik van ontwormmiddelen moet terughoudend worden ingezet om te voorkomen dat net als bij de schapen de wormen resistent(ongevoelig) worden voor de gebruikte werkzame stoffen. Ontwormen kan op meerdere manieren de meest voor de hand liggende is de pour-on (vloeistof over de rug gieten) , daarnaast kan men een injectie of een orale oplossing geven. Een longworm-besmetting  kan ook voorkomen bij melkkoeien, het zijn dan vooral de vaarzen die hoesten bij het opstaan of opjagen bijvoorbeeld naar de melkstal.

Pinkengriep

Pinkengriep is een aandoening die vaak in het najaar wordt gezien. Pinkengriep wordt veroorzaakt door virussen (para-influenza3 en BRSV). De virussen zijn eigenlijk altijd wel aanwezig op een melkveebedrijf maar geven geen verschijnselen omdat het afweersysteem van de volwassen dieren de virussen kan onderdrukken. Tot een leeftijd van 1 jaar zijn de kalveren en pinken echter erg gevoelig voor deze virussen en kunnen er ziek van worden. Als de dieren ziek worden van de virussen valt de weerstand weg en kunnen de bacteriën de ziekteverschijnselen nog verergeren. Op stal komen verschillende leeftijdsgroepen bij elkaar. De infectiedruk in de stal gaat daardoor snel omhoog. In het najaar zijn de nachten koud en de dagen relatief warm daarbij is de luchtvochtigheid erg hoog. Dit zijn ideale omstandigheden voor een virus om zich te verspreiden. Om het risico op pinkengriep te minimaliseren kunnen een aantal maatregelen genomen worden.

  • Ventilatie optimaliseren
    • Zorg voor voldoende instroom van verse lucht en afvoer van uitgeademde gassen.
    • Voorkom ten allen tijde tocht (luchtsnelheden>0,2 m/s op dierniveau)
  • Scheren van de dieren
    • Dieren kunnen na geschoren te zijn de warmte beter afgevenà hebben minder last van hittestress en nemen meer voer op.
  • Ent de dieren voordat ze op stal gaan of op het moment dat ze op stal komen. Het is verstandig om dieren tot een jaar leeftijd te enten.
    • Het is goed om per bedrijf een entschema op te stellen i.v.m. specifieke omstandigheden per bedrijf. Enten kan via een neusenting of injectie.
    • Om de infectiedruk op een bedrijf te verlagen is het overigens het meest optimaal om het jaarrond te vaccineren tegen pinkengriep.
  • Mochten de dieren de verschijnselen van pinkengriep (sloom, te lage voeropname, neusuitvloeiing, versnelde ademhaling, hoesten en hoge koorts) vertonen neem dan contact op met de dierenkliniek en overleg over de behandeling.

Mineralen voorziening

Uit veel kuilanalyses blijkt dat er wat betreft bepaalde mineralen en sporenelementen (selenium, koper en bijvoorbeeld magnesium) tekorten gevonden worden. Als er aan het jongvee 3-4e snede wordt gevoerd is het dus extra belangrijk om jongveemineralen bij te voeren of de dieren van bolussen te voorzien. Zeker omdat deze dieren vaak geen brok krijgen. Om te controleren of de dieren voldoende mineralen binnen krijgen kan van 5 dieren bloed onderzoek gedaan worden zodat men weet waar men staat als het om mineralen gaat.

Nieuwsflits September

03-10-2011

Verantwoord medicijngebruik

De media heeft de laatste tijd veel aandacht voor het gebruik van antibiotica in de melk)veehouderij. Ook de politiek heeft hierover een standpunt ingenomen. In 2012 zal er 20% minder antibiotica gebruikt moeten worden ten opzichte van het referentie jaar 2009. In 2013 zal dit gebruik zelfs met 50% moeten zijn verminderd. Ook zal er misschien een verbod komen op bepaalde middelen (3de keuze antibiotica). Staatssecretaris Bleker zal hierover in het najaar besluiten nemen.

3de keuze middelen

Een vermindering van het antibioticumgebruik kan worden gehaald door aandacht voor de volgende zaken:
1) bewustwording van de gebruikte hoeveelheid
2) kennis over hoe antibiotica te gebruiken
3) kennis over wanneer welke  antibiotica gebruikt moeten worden
4) de inzet van preventieve maatregelen om het gebruik te verminderen.
Hiervoor zijn de volgende instrumenten gemaakt; de dierdagdoseringen, het bedrijfsbehandelplan en het bedrijfsgezondheidsplan.

De dierdagdoseringen is een maat voor de hoeveelheid gebruikte antibiotica op uw bedrijf. In het bedrijfsbehandelplan staat per aandoening het te gebruiken antibioticum, overigens na overleg met u. Als laatste staan in het bedrijfsgezondheidsplan de preventieve maatregelen die op uw bedrijf genomen kunnen worden om het antibioticumgebruik te verminderen. Per 1 april 2012 zal FrieslandCampina controleren of het bedrijfsbehandelplan en het bedrijfsgezondheidsplan op uw bedrijf aanwezig is.

FrieslandCampina heeft daarnaast een cursus verantwoord medicijngebruik gemaakt. Deze cursus zal twee middagen beslaan. Hierbij komen in de eerste middag het bedrijfsbehandelplan, het gebruik van antibiotica en de toedieningswijze van antibiotica aan de orde. Als laatst zal worden gedemonstreerd hoe met eenvoudige technieken bepaalde aandoeningen (o.a. lebmaagverplaatsing) kunnen worden ontdekt. In de tweede middag zal de nadruk liggen op preventieve maatregelen door middel van het bedrijfsgezondheidsplan. Het zijn zeer praktische middagen met veel overleg tussen de veehouders. Een groot gedeelte van onze veehouders heeft zich aangemeld voor deze cursus. Ruben zal waarschijnlijk een groot gedeelte van deze middagen verzorgen.

Dierenkliniek Deventer heeft de volgende planning voor wat betreft het bovenstaande. Eind oktober/begin november  zal de eerste cursusmiddag gegeven worden. Hierna zal de tweede cursusmiddag in december volgen. In december zal ook de start zijn van het bespreken van het bedrijfsbehandelplan en –gezondheidsplan op de bedrijven. Dit overleg zal op het bedrijf plaatsvinden tijdens de bedrijfsbegeleiding of op andere contactmomenten. Het is wel goed te bedenken dat deze bespreking enige tijd zal vergen en dat daarvoor tijd moet worden vrijgemaakt.

De dierdagdoseringen voor uw bedrijf zullen door een onafhankelijke organisatie worden berekend, wanneer deze cijfers bekend worden is nu nog niet duidelijk. Veehouders dit die al zelf willen doen kunnen hun gebruik invullen op de website www3.lei.wur.nl/antibiotica. De Dierenkliniek kan desgevraagd een lijst van de gebruikte medicijnen voor u uitdraaien.

We zullen ervoor zorgen dat iedere melkveehouder per 1 april 2012 zal  voldoen aan de voorwaarden van de FrieslandCampina. Overigens geldt dat melkveehouders die niet leveren aan FrieslandCampina, ook een bedrijfsspecifiek bedrijfsbehandelplan en gezondheidsplan moeten hebben. Uiteraard zullen we ook deze bedrijven bedienen.

Mochten er nog vragen zijn, schroom niet en bel naar de praktijk.

Vriendelijke groet namens,

Arnold Baas, Karin van Heuven van Kats, Marita Heijman, Elske van der Mik, Bert Gerrits en Ruben Tolboom

Nieuwsflits augustus: “Zonnebrand”

24-08-2011

Ondanks dat de zomer dit jaar niet heel veel zonuren liet zien, zien we de laatste tijd toch wel weer een aantal runderen met zonnebrandverschijnselen (verbrande huid door de zon). Soms zijn dit kalveren en soms (droge) koeien. Vaak hebben ze veel witte vlekken, maar niet altijd. Deze nieuwsflits gaat over deze aandoening en wat u er eventueel aan zou kunnen doen. (more…)

Open dag bij de familie Roeterdink

15-07-2011

Tijdens deze open dag was er de hele dag gelegenheid tot het invullen van 3 vragen in de stand van Dierenkliniek Deventer en zo kans te maken op een mooi boek: “Beschouw ons maar als een uitzondering”.

De volgende vragen moesten worden beantwoord:
1. Hoe is het gemiddelde tankcelgetal van alle Nederlandse melkveebedrijven veranderd tussen 1970 en 2010?
A. Celgetal is gedaald van 400.000 naar 250.000
B. Celgetal is gestegen van 150.000 naar 200.000
C. Celgetal is gedaald van 550.000 naar 210.000

2. Wat is de huidige gemiddelde tussenkalftijd in Nederland?
A. 405 dagen
B. 420 dagen
C. 435 dagen

3. Wat is de schofthoogte van de allerkleinste koe (7 jaar oud) ter wereld?
A. 66 cm
B. 77 cm
C. 88 cm

De juiste antwoorden zijn C, B, en B.

Uit de ruim honderd ingevulde antwoordformulieren, waren er maar 6 met de juiste antwoorden. Hieruit is willekeurig 1 formulier getrokken en de gelukkige winnaar is: familie Beltman, Frieswijkerweg12 te Schalkhaar: Gefeliciteerd!

Lees hier ook het kranten artikel uit de Nieuwe Bathmense Krant