Nieuwsflits Juli

12-07-2011

Problemen rondom tweelingdracht

De zomer zal de komende maanden weer van zich doen spreken. Hierbij horen helaas de problemen van verse koeien en dit geldt zeker voor de koeien die een tweeling hebben gehad. Als dierenarts worden we regelmatig geroepen bij koeien die een tweeling ter wereld hebben gebracht of aan het brengen zijn. Met andere woorden: de tweelingdracht, geboorte en het opstarten van de koe verlopen meestal niet vlekkeloos. Ongeveer 92 % van de vaarzen die uit een tweeling geboren worden en een broertje hebben zijn kween en dus onvruchtbaar. Door bloedonderzoek kan met 100% zekerheid worden bepaald of een kalf een kween is (kosten 70 euro).

Problemen tijdens de dracht

De problemen die wij zien beginnen al tijdens de dracht. We worden regelmatig gebeld om een bloedje te tappen van een verwerper. Onder een verwerper wordt verstaan een rund dat verwerpt tussen 100 en 260 dagen dracht. Binnen 7 dagen na verwerpen dient een bloedmonster (verplicht) van de verwerper te worden ingestuurd voor Brucella onderzoek. Wacht met afvoer van de verwerper totdat de uitslag bekend is. Zowel de dierenartskosten als het laboratoriumonderzoek van Brucella en tevens IBR, Leptospirose, Salmonella en Neospora worden, als u daarvoor een tankmelkabonnement heeft, niet in rekening gebracht.

Problemen tijdens de geboorte

De geboorte zelf kan problemen geven.

  • Uit ervaring weten we dat bij ongeveer 2/3 van de afwijkende liggingen er sprake is van een tweelingdracht. Zo kan het gebeuren dat de twee kalveren tegelijk geboren willen worden en er meerdere poten in het bekkenkanaal te voelen zijn. Belangrijk is dan om uit te vinden welke poten bij welke vrucht horen.
  • Het kan zo zijn dat een van de kalveren al dood is waardoor de geboorte abnormaal verloopt.
  • De laatste maanden van de dracht groeien de kalveren erg hard en verbeent het skelet. Hierdoor stijgt de energievraag en de calciumbehoefte van de koe. Het is niet ondenkbaar dat de geboorte niet op gang komt omdat de koe tegen melkziekte aanzit waardoor de baarmoeder niet samentrekt en de geboorte niet op gang komt.

Problemen na de geboorte

Na de geboorte van een tweeling moeten er twee volledige nageboorten gevonden worden. Vanwege melkziekte en/of een afwijkende geboorte gebeurd het regelmatig dat koeien aan de nageboorte blijven staan. Dit kan weer resulteren in baarmoederontsteking en mogelijk een ernstig zieke koe.
De kalveren vragen de laatste maanden van de dracht erg veel energie van de koe. Omdat de baarmoeder 2x zo groot is in vergelijking tot een eenlingdracht wordt de voeropname capaciteit van de pens de laatste maanden van de dracht ernstig belemmerd. De koeien moeten dus voor het kalven al hun lichaamsreserves aanspreken, waardoor ze soms al voor het kalven in een negatieve energie balans belanden. Dit resulteert in onderdrukking van de weerstand van de koe. Hierdoor krijgen infecties (baarmoederontsteking/uierontsteking) de kans om aan te slaan.
Na het kalven hebben we te maken met een verzwakte koe. Vanwege de vele ruimte in de buik en/of algemeen ziek zijn zien we regelmatig dat deze koeien met een lebmaag verplaatsing te maken krijgen.

Alle bovengenoemde problemen laten zich samenvatten in de term: ATM (Algehele Tweeling Malaise).

Voorkomen van ATM

Het voorkomen van problemen begint al bij de drachtdiagnose (dracht tussen 35-60 dagen). 90% Van de tweelingen is twee-eiig dit is te voelen aan de eierstokken van de koe. Als het om een eeneiige tweeling gaat is dit te voelen aan de grote van de baarmoeder en met de scanner is dit zelfs in beeld te brengen. Op het moment dat het bekend is dat een koe een tweeling draagt kan het management aangepast worden.

  • Koeien die een tweeling dragen kalven meestal 5- 10 dagen voor de verwachte afkalfdatum af. Daarom moeten deze koeien vroegtijdig (8 weken voor kalven) droog gezet worden.
  • Het kan verstandig zijn eerder te beginnen met het lactatierantsoen. Een week voor de verwachte afkalfdatum moet begonnen worden met het geven van extra energie in de vorm van E-pillen, 1x daags is voldoende.
  • De hygiëne rondom het kalven is extra belangrijk
  • Zorg voor een schone afkalfstal met veel stro
  • Was de achterhand van de koe met een ontsmettende vloeistof en draag handschoenen bij verloskundige hulp
  • Zorg voor schoon materiaal (kettinkjes/krik)
  • Probeer melkziekte te voorkomen door rantsoenaanpassingen en eventueel toediening van Vitamine D (Dufadral) en calciumbolussen (Bovikalc).
  • Geef standaard een fles calcium-magnesium infuus na afkalven.
  • Temperatuur de koe de eerste week na kalven minimaal 1x daags en bespreek bij koorts een behandeling met de dierenarts
  • Gebruik kalveren geboren uit een tweeling niet voor de fokkerij, de aanleg om een tweeling te geven is deels erfelijk bepaald.

Bij twijfel over de gezondheid van een koe die een tweeling heeft geworpen roep tijdig de hulp van een dierenarts in zodat problemen tijdig onderkend worden.

Vriendelijk groet namens alle collega’s,
Bert Gerrits

PS Op 1 september zal er wederom een lunchmeeting worden georganiseerd over droogzet therapieën. Dit na het grote succes van de vorige bijeenkomst. Binnenkort krijgt u meer informatie.

PS We zijn bezig met het maken van bedrijfsbehandelplannen en –gezondheidsplannen. Over de ontwikkelingen hiervan zullen we u op de hoogte houden.