Distichiasis (haartjes)

Distichiasis (haartjes)

Er is sprake van distichiasis wanneer er (vaak kleine) haren op de ooglidrand aanwezig zijn, op plaatsen waar ze niet horen. Deze haren kunnen soms hard zijn en daarmee het hoornvlies irriteren of zelfs beschadigen. De afwijking wordt zelden bij katten gezien en regelmatig bij de hond. Door de irritatie gaat de hond knijpen met het aangedane oog en ontstaat er een traanstreep door een verhoogde traanproductie. Tijdens het oogonderzoek zoeken we naar hele kleine haartjes op de lidrand of in het oogslijmvlies, deze haartjes zijn zo klein dat er vaak een loepbril voor nodig is om ze te zien. Omdat er risico is op beschadiging van het hoornvlies zal het hoornvlies aangekleurd worden met fluoresceïne, hiermee kan een eventuele beschadiging op het hoorvlies zichtbaar worden gemaakt. Er zijn verschillende behandelopties. Tijdelijke verwijdering van de haren kan door het epileren van de haartjes, groot nadeel hiervan is dat de haartjes na ongeveer een maand weer teruggroeien. Definitieve verwijdering van de haartjes gebeurt onder anesthesie. Er wordt een staaldraadje via de uitmonding van het haarzakje bij de wortel van de haar gebracht, daarna wordt het haarzakje weggebrand (coagulatie).

(pictures: David A. Wilkie DVM, MS, ACVO Professor. Ohio State University)